De kernvraag

Hoe moet je sparen?

Eigenlijk is dit de centrale vraag van financiële vaardigheid.

Er is nog één vraag die iets eerder komt, namelijk: spaar je? Maar als je niet spaart, dan wil ik stellen dat je niet over financiële vaardigheid beschikt. Sparen en financiële vaardigheid zijn eigenlijk hetzelfde. Al refereert het ene naar de (maandelijkse) plus/min rekening en de andere naar de manier waarop we met het gespaarde omgaan.

Wat is sparen?

Zoals in ‘rente’ al opgemerkt, sparen is wat er overblijft na consumptie van de productie. Wanneer dit positief is, loopt het gespaarde op, wanneer het negatief is wordt het gespaarde kleiner.

Wat is financiële vaardigheid?

Ik zie financiële vaardigheid als de capaciteit om het gespaarde in waarde te laten vermeerderen, of gelijk te houden.

Vermindert het gespaarde in waarde, dan zijn we (imo) niet financieel vaardig.

Regels? - De waterval methode

OK, dan, hoe moeten we ons kapitaal beheren zodat het in waarde toeneemt? Welke regels moeten we volgen? Is er een formule die altijd en overal werkt?

Wel, nee, maar er is wel een algemene methode die in veel gevallen werkt en die gemakkelijk kan worden aangepast aan de persoonlijke omstandigheden en persoonlijke voorkeuren.

Ik noem het de waterval methode.

Bij de waterval methode gaan we te werk volgens een stappenplan waarbij het gespaarde (op maand basis) -net als water- een (eerste) bak vol laat lopen, en wanneer deze bak overstroomt, dan valt het in de bak eronder, wanneer deze vol is dan gaat het in de bak daaronder etc.

Eerste bak: reserve

Iedereen heeft (imo) een spaarrekening nodig met daarop een bepaald bedrag aan reserve geld.

Hoe hoog deze reserve moet zijn hangt af van je eigen situatie. Als student kan deze veel lager zijn dan als ouder en huisbezitter. Kies een bedrag waarvan je redelijk zeker kunt zijn dat het genoeg zal zijn om eventuele financiële tegenvallers op te vangen. Denk bijvoorbeeld aan spullen die je nodig hebt, die stuk kunnen gaan en vervangen moeten worden.

Natuurlijk wordt de reserve altijd onmiddellijk weer vol gemaakt wanneer het nodig was om hem aan te spreken.

Tweede bak: Schulden aflossen

Als de reserve opgebouwd is, dan is het aflossen van schulden mijn prioriteit. Ik ondervind schulden als een blok aan het been die mijn vrijheid beperkt. Maar ook als je daarmee geen problemen hebt, schulden gaan gepaard met interest betalingen die de uiteindelijke kapitaal opbouw onnodig vertragen. Het aflossen van schulden zal de opbouw van kapitaal versnellen.

Ik heb zelfs zo’n hekel aan schulden dat ik ook nooit een hypotheek genomen heb. Als ik echter al een hypotheek zou hebben voordat ik met de waterval methode zou beginnen, dan zou ik de hypotheek versnelt proberen af te lossen in de tweede bak. Maar ik zou dan wel ook tegelijk aan bak no 3 beginnen: een buffer. I.e. bijvoorbeeld de helft van het gespaarde naar bak 2 (versnelde aflossing) en de helft naar bak 3 (de buffer).

Derde bak: Buffer

Ondanks het feit dat we in een verzorgingsstaat leven zou ik niet afhankelijk willen zijn van deze staat. Een eigen buffer waarin we geld parkeren voor het geval onze inkomsten wegvallen vind ik daarom een zinvolle besteding. Natuurlijk is het ook hier weer sterk afhankelijk van de persoonlijke situatie hoe hoog dit bedrag zou moeten zijn. De overbruggingstijd van de buffer is afhankelijk van de hoeveelheid geld in de buffer en het geld dat we maandelijks nodig zijn. De overbruggingstijd kun je kiezen in afhankelijkheid van je leeftijd. Jongeren kunnen in het algemeen voor een vrij korte tijd kiezen, ouderen zullen liever een wat langere tijd kiezen.

Vierde bak: Investeren

Investeren kan lastig zijn. Primair kies ik er voor om deze bak te gebruiken voor investeringen die mijn levenskosten verlagen. Bijvoorbeeld een eigen huis. Maar ook dingen als cursussen die onze verdiensten verhogen vallen hieronder.

Maar dat is niet genoeg, want het doel van deze bak om er voor te zorgen dat de investeringen genoeg geld per maand opleveren om de eigen kosten per maand op te brengen.

Dus behalve het verlagen van de levensonderhoud kosten is het ook belangrijk dat er inkomsten gegenereerd worden. Hoe?, dat is een onderwerp voor een andere post. Bedenk echter dat er alleen lage risico’s genomen moeten worden.

Vijfde bak: Diversificatie

Wanneer vermogen beheerd moet worden dan is een goede diversificatie raadzaam. Het beste nemen we daarbij instrumenten die tegenovergesteld aan elkaar werken. I.e. wanneer de ene in waarde stijgt, daalt een andere in waarde. Ook dit is een specialistische tak die zorgvuldige planning vergt.

Sommige methodes maken geen verschil tussen bak 4 en 5. Ik denk dat het goed is om zich te realiseren dat het toch twee verschillende bakken zijn, zelfs al kiest men er voor om ze te mixen.

Zesde bak: Speculatie

Eigenlijk raad ik deze bak af. Speculatie is voor de normale mens een verliespost. Beter niet doen. Maar wanneer je veel kennis hebt van een bepaald gebied dan kan het toch aantrekkelijk zijn om af en toe een gokje te wagen.

Het grote gevaar van deze categorie is dat er bij verlies de hogere bakken aangesproken worden om te proberen het verlies goed te maken. Dat mag absoluut niet!

Conclusie

De leidraad hierboven moet aan de persoonlijke omstandigheden worden aangepast. En het is niet altijd gemakkelijk om een bestaande (chaotische?) situatie zo te veranderen dat er meer structuur ontstaat.

Ik denk wel dat het aantrekkelijk is om die structuur aan te brengen, maar uiteindelijk bepaalt een ieder zelf hoe hij zijn financiën rond krijgt.

Disclaimer

Ik ben een financieel hobbyist, ik geef geen financieel advies, heb geen erkende financiële opleiding, en hoewel ik probeer juiste informatie te geven kan alles wat ik zeg en schrijf volledig fout zijn.

U handelt op eigen risico!