De uitslag en waarschijnlijke gevolgen van de verkiezingen onlangs in Canada maken iets duidelijk dat ik al langer gezien had, maar wat nog niet tot me doorgedrongen was: Democratische systemen spelen de ideologen in de hand wanneer het om kleine verschillen gaat.

Het principe is simpel: de meeste kiezers zitten om en nabij het centrum van de politiek. Centrum-links, centrum en centrum-rechts vormen de grote meerderheid.

De linkse en rechtse partijen zijn in het algemeen een stuk kleiner en hebben niet zo heel veel invloed wanneer de grote partijen onderling een meerderheid regering kunnen vormen.

In tijden waar politieke verschuivingen optreden treed er echter een bijzonder effect op: een centrum links or rechtse partij die de meerderheid verliest zal over het algemeen niet de politieke wissel in de bevolking volgen, maar juist het tegenovergestelde doen.

Om dit te illustreren aan het voorbeeld Canada: De centrum linkse partijen partijen hebben verloren en de meer rechtse partijen hebben gewonnen. Nu zou je verwachten dat centrum-links dus naar rechts zal opschuiven… maar dat is onwaarschijnlijk. Veel waarschijnlijker is dat centrum links een verbond aangaat met links en extreem links om zo een meerderheid te verkrijgen voor een regering. Dit vergroot uiteraard de afstand tussen bevolking en politiek en maakt het waarschijnlijker dat bij een volgende verkiezing de linkse partijen nog meer stemmen zullen verliezen.

Dit is imo een defect van de democratie, het voert tot instabiliteit van het systeem. Het grote gevaar is dat de politiek te ver van de bevolking af komt te staan en zo niet tijdig de aansluiting hervindt. Dit opent het potentieel voor politiek gedreven gewelddadige acties.