Ik weet niet of er al een goede vertaling is voor het woord ‘polygenic’. Dus ik gebruik het maar zonder vertaling.

Nu betekend ‘poly’ veel. En genen zitten in ons DNA. Het DNA bepaald hoe onze lichamen worden gebouwd, inclusief de hersenen. En de hersenen bepalen hoe we ons gedragen.

Dit nieuwe woord heeft alles te maken met de grote vraag of ons gedrag bepaalt wordt door onze genen of door onze opvoeding.

Het woord beschrijft namelijk de verbinding tussen de aanwezigheid en/of locatie van een aantal genen in verschillende chromosomen en de kans op een bepaald gedrag (of kenmerk of ziekte, maar ik concentreer me op gedrag).

Doordat er steeds meer DNA gedigitaliseerd wordt hebben wetenschapper steeds meer DNA ter beschikking voor analyses. Door vragenlijsten over gedrag te combineren met DNA kan men onderzoeken of een bepaald gedrag overeenkomt met genen combinaties & locaties.

Men probeert niet langer om één gen met één kenmerk te associeren, maar vele genen met één kenmerk.

En met success. Men vindt steeds meer verbindingen tussen gedrag en genen. Het gaat zelfs zo ver dat een aantal wetenschappers beginnen te geloven dat ons gedrag overwegend door onze genen wordt bepaald: Een kind gaat niet lezen omdat zijn ouders hem altijd hebben voorgelezen, maar omdat zijn ouders ook lezen en dit gedrag in het DNA zit dat hij geërfd heeft.

De polygenic factor voor de eigenschap ‘lezen’ geeft aan in hoeverre het lezen bij de verschillende mensen door overeenkomstige genen verklaart kan worden.

Het heeft er alle schijn van dat we binnenkort de meeste menselijke eigenschappen kunnen herleiden tot de aanwezigheid en locatie van specifieke genen.

Dat zal niet zonder gevolgen zijn.

Ik verwacht de grootste gevolgen voor de politiek en de kinderwens, en daarmee de toekomst van de mensheid.

Op de korte termijn zijn er politieke gevolgen: Het zal niet langer houdbaar zijn om “met geld te smijten voor een goed buikgevoel” wanneer een eenvoudige genetische test kan aantonen dat een subsidie geen positieve gevolgen kan hebben.

Op de middellange termijn zal voor de kinderwens de in-vitro bevruchting sterk opkomen. Zo kan middels selectie voorkomen worden dat kinderen met afwijkingen of grote kans op ziektes geboren worden. Maar ook zullen toekomstige ouders kinderen wensen die een grotere kans op success in de samenleving hebben. Maw een positieve vorm van eugenics zal kunnen opkomen.

Natuurlijk zal er verzet zijn tegen deze trends, maar de uitkomst is onvermijdbaar.

Op de lange termijn, wanneer ook nog eens genen manipulatie mogelijk wordt (CRISPR?), tja, dan zijn de gevolgen onoverzienbaar. Zonder te willen beweren of dit goed of slecht is, de gevolgen zijn dan letterlijk onoverzienbaar.