Als voorzetting op de vorige post.

Voor de verlichting dachten de mensen over zichzelf vooral als een deel van het geheel. Dwz men bestond in een web van connecties. Ik speculeer dat dit web van connecties en de religie feitelijk hetzelfde waren. De religie regelde hoe men met elkaar en met de objecten cq de relaties met die objecten omging.

De rest van deze post gaat op een speculatieve manier met dit idee om en probeert te verkennen hoe dit plaatsvond en hoe zich dit ontwikkelt zou kunnen hebben na de verlichting.

Men had waarschijnlijk geen spirituele binding met elke veldkei in het land, maar ging er mogelijk wel van uit dat god deze veldkeien had geplaatst. Al naar gelang religieuze overtuiging zal dat wel geresulteerd hebben in het verwijderen van deze keien, of het angstvallig laten liggen. I.e. men kan zo de relie als verbindende factor in het dagelijks leven gezien kunnen hebben. Religie en het leven van alledag was één en hetzelfde.

De verlichting heeft deze band verbroken en een scheiding aangebracht tussen religie en de wereld van alledag. Dat is tamelijk diepgaand. Geen wonder dat Kant probeerde om religie terug te brengen (hetgeen uiteindelijk resulteerde in het post-modernistische nihilisme)

Vandaag de dag worden we met de gevolgen van deze breuk geconfronteerd. Want al vond de verlichting al veel vroeger plaats, het was natuurlijk niet tegelijk overal aanwezig. Zeker in de eerste 100 a 200 jaar zal het hoofdzakelijk in de intelligentia verbreiding gevonden hebben. Daarom konden de positieve effecten van de verlichting (betere wetenschap en technologie) zo sterk naar voren treden. De maatschappij bleef in eerste instantie stabiel omdat daar de traditionele religieuze rol bewaard bleef. Vanuit deze stabile basis kon een kleine intelligentia zo grote wetenschappelijke en technische sprongen maken.

Toen het nodig werd om fabrieken met arbeiders te vullen (1880-1940?) is ook de verlichting aan het gewone volk verkocht. Vooral via onderwijs (schoolplicht cd leerplicht) denk ik. Onderwijs naar het pruissische model was er vooral op gericht om arbeiders (gestandaardiseerde vaardigheden, onderwerping aan gezag) te vormen. Maar het was onvermijdbaar dat hiermee ook de verlichting zijn weg naar de gewone man vondt.

De verdere democratisering van het onderwijs en de invoering van meer en uitgebreider hoger onderwijs kunnen er goed voor gezorgd hebben dat het post-modernisme aan invloed won. Ik begin dan ook het hoogtepunt van het post-modernisme te zien als het eigenlijke hoogtepunt van de verlichting. De verlichting moest wel uitmonden in het postmodernisme.

Er is ook een zekere samenhang te zien tussen de schoolplicht cq leerplicht, de invloed van de verlichting op de alledaagse dag en de verschuiving van K-dominatie naar r-dominatie. Wat ik daarmee precies aanmoet weet ik nog niet. Maar het lijkt me dat dit geen puur toeval is.

Al deze trends ziende, vraag ik me af hoe dit nu verder moet gaan. Het komt op mij als onvermijdelijk over dat de trends van 1950-2015 aan het omkeren zijn. Maar wat betekend dat precies? De omslag van r-dominatie naar K-dominatie ligt voor hand. Maar waar moet het met de filosofie naar toe? Terug naar de religie lijkt me grotendeels onmogelijk. De atheïsten kunnen niet zo maar even omschakelen.

Het barst tegenwoordig van de guru’s die ons vertellen hoe te leven en hoe success te hebben. Is dit een nieuwe trend die de religie vervangt? Maar zonder een duidelijke filosofische fundering zie ik dat niet zo snel gebeuren. Wel laat het success van Jordan Peterson zien dat er een behoefte is. Er zijn al mensen die zich “Atheïstische Christenen” noemen.

Overigens zie ik binnen de kerken nog een gerelateerd probleem. De religie (protestant en katholiek beide) zijn sinds ongeveer de jaren 80 zich steeds meer op “liefde” gaan concentreren. Oorspronkelijk kennelijk als reactie op maatschappelijke trends en later mogelijk ook in een poging om meer mensen aan te spreken. Echter alle liefde ten spijt, de kerken zijn leeggelopen. Ik vermoed dat wanneer men zich enkel op naastenliefde richt en daarbij de ‘naaste’ als ‘iedere niet gelovige’ ziet, men een kapitale blunder begaat. Want als niet-gelovigen ook geaccepteerd worden, waarom zou je dan gelovig blijven? Kun je dan niet net zo goed buiten de kerk leven en -eventueel- op het laatste moment (65+) weer gelovig worden?

Inmiddels zijn de kerken zwaar met SJWs (Social Justice Warriors) overspoeld in leidinggevende posities. Het zal een hele klus worden om dit tij te keren. Maar als wat ik denk te zien in de maatschappelijk trend waar is, dan denk ik dat predikanten en priesters (mannelijke!) die zich meer bezinnen op de oorspronkelijke boodschap van de kerk wel eens een goed gevolg kunnen gaan trekken.