Mogelijk dat ik er al eens over geblogt heb, maar rechten zijn een thema waar ik nog nooit een goede benadering voor heb gevonden. Mijn probleem is altijd geweest dat rechten verleend moeten worden. Of zoals ik wel zeg, in een hutje op de hei hab je geen rechten (en geen plichten). Rechten zijn intrinsiek met samenleving verbonden.

Het libertarisme verklaart recht tot “natuur-recht”, i.e. het is impliciet aanwezig. Maar dat vindt ik persoonlijk onzin. Overigens ben ik van mening dat wanneer je “natuurrecht” gebruikt er dan ook weer een deur opengaat naar het recht van de sterkste. Maar dat terzijde.

Het resultaat was dat ik rechten altijd heb ontkent; er zijn geen rechten. Ze bestaan niet in de natuur.

Maar het propertarisme heeft een definitie van recht die mij heel goed bevalt: Rechten worden verleend door en aan de samenleving. Rechten bestaan wanneer andere mensen bereidt zijn om voor ons op te komen, en in tegenprestatie wij voor andere mensen opkomen. Rechten zijn daarmee dynamisch en berusten op wederkerigheid.

Om aanspraak op recht te hebben moeten we dus een aandeel nemen in de samenleving en deze zelfde rechten ook geven aan de mensen in de samenleving. Rechten eisen zonder deze ook zelf aan de samenleving te verlenen is een poging om iets voor niets te krijgen. Dit laatste verklaart mogelijk ook de vijandigheid die een libertariër soms tegen kan komen; mogelijk voelen mensen instinctief aan dat een libertariër niet bereidt is om rechten te verlenen. Niet bereidt is tot wederkerigheid. (Al geloof ik dat de meeste libertariërs zich hiervan niet bewust zijn en er geen sprake is van opzet)