Het was niet zo bedoelt, maar er zit een verbinding tussen deze en de vorige post. Het model dat het individu heeft is tegelijk ook de waarheid die het individu ervaart. En ik zou stellen dat de waarheid die alle personen in een samenleving delen hun cultuur is. In deze post wil ik kijken hoe een cultuur omgaat met de realiteit. En ik wil een argument maken waarom de waarheid binnen de west Europese cultuur (incl USA) een andere rol speelt als in de andere culturen.

Er zijn imo drie manieren om met de realiteit om te gaan:

De eerste is ontkennend. Dit zien we in culturen die ideologisch gebaseerd zijn of waar het recht van de sterkste gelt. Ideologie kan op verschillende manieren omgaan met de realiteit maar ze hebben alle een kernopvatting waaraan niet getornd mag worden. In een aantal ideologieën is de kernopvatting gedocumenteerd in een boek, zoals bv in religie vaak het geval is. Maar ook de ex-communistische staten kenden “boekjes” waarin de doctrine duidelijk gemaakt wert. De levensduur van een ideologie wordt begrenst door de mate waarin de ideologie zich kan aanpassen aan de realiteit en hoe ver deze zich van de realiteit bevind. Doomsday sektes kennen maar een kort leven, de communistische staten al iets langer, en de oude religies hebben zich goed weten aan te passen aan de zich wijzigende omstandigheden. Wanneer oude religies hier goed in zijn, dan mogen we er ook van uitgaan dat deze in ieder geval heuristisch correct zijn. Het zou dan fout zijn zulke religies te verwerpen omdat er bv geen bewijs voor het bestaan van een God zou zijn. Een religie die duizenden jaren kan overleven en mee evolueert met de cultuur en het model van de realiteit is zeer kostbaar en zou gekoesterd moeten worden.

De tweede manier is neutraal. Dwz leeft vooral heuristisch, men doet wat werkt, en wanneer er iets nieuws voorbijkomt en het werkt, dan neemt men het op in de cultuur. Maar men is niet actief op zoek naar de realiteit, men is er ambivalent mee. Ik denk dit soort culturen vooral in het oosten te zien. China, Japan, Zuid-oost Azië etc.

De derde manier is zoekend. Dit is na de verlichting in de westerse culturen gebeurt. De wetenschappelijke methode die hier uiteindelijk uit volgde is dat er alleen proposities zijn die nog niet gefalsificeerd zijn. Dat wil zeggen dat men principieel verwerpt dat we de realiteit kunnen ontdekken als een op zichzelf staand fenomeen, maar dat we wel kunnen ontdekken wat niet waar is. Dit opende de deur die het mogelijk maakt om alle dingen te kunnen en mogen onderzoeken. Het gaf de westerse cultuur de gelegenheid om bestaande ideologische “waarheden” kritisch te bekijken en indien nodig te vervangen door nieuwe proposities. Dit had een elektrificerende werking (ook letterlijk) op de snelheid waarmee de samenleving zich kon ontwikkelen.

Het westen is groot geworden door steeds dichter bij de realiteit te komen. Al heeft dit in de laatste 50 jaar ook tot het postmodernisme geleid. Deze heeft -paradoxaal genoeg- tot een terugkeer naar ideologische “waarheden” gevoerd door mensen die hieraan behoefte hebben. Een betreurenswaardige regressie imo.