De navolgende post is als artikel toegevoegd aan de sectie “Filosofie“.

Dit artikel is een beetje ‘meta’. Het heeft eigenlijk geen praktische betekenis. Maar ik vind het soms wel leuk om over dit soort dingen na te denken. Al was het maar ter ontspanning.

Waarschuwing: Sommige mensen vinden het niet leuk om over het bestaan na te denken als dit het bestaan zelf in twijfel trekt. Dit artikel zal dat doen.

Decartes ging er van uit dat er ‘iets’ moet zijn dat denkt. En dus moet dit ‘iets’ bestaan. Dat ‘iets’ ben ‘ik’.

Dit lijkt een aannemelijke gedachte.

Maar laten we eens een nieuw begrip introduceren: bewustzijnsmoment.

Our Mathematical Universe

PS: Ik ben dit begrip voor het eerst tegengekomen in het boek “Our Mathematical Universe” van Max Tegmark. Ik vertaal het begrip “Observer Moment” met “Bewustzijnsmoment”.

Een bewustzijnsmoment is de kleinst mogelijke tijdseenheid waarin het mogelijk is zich bewust te zijn van zichzelf. Ons leven is een aaneenschakeling van bewustzijnsmomenten. Het actuele bewustzijnsmoment is het laatste bewustzijnsmoment. Alle voorafgaande bewustzijnsmomenten zijn enkel als herinnering aanwezig.

(Max heeft het liever over een observatie moment, i.e. een moment waarop we alles observeren: onze omgeving en ons verleden)

Maar omdat alle voorafgaande bewustzijnsmomenten enkel als herinnering aanwezig zijn, hoeven ze niet echt gebeurt te zijn. Enkel de herinnering moet aanwezig zijn. Ofwel, het er is maar 1 bewustzijnsmoment. Het huidige.

“Ik denk dus ik besta” gaat nog steeds wel op, maar de duur van het bestaan is wel enorm ingekort. Ik kan alleen maar zeker zijn dat ik besta voor de duur van een cq het bewustzijnsmoment.

Hoe registreren we een bewustzijnsmoment? Er lijkt maar weinig twijfel aan te zijn dat dit een electro-chemische actie is in de hersenen. Elektronen en geleiders die meer of minder contact met elkaar maken.

Stellen we ons nu voor dat er een “soep” van materiaal aan het borrelen en blubberen is. Alles beweegt door elkaar heen zonder ooit een permanente positie in te nemen.

Theoretisch is het mogelijk dat in deze soep op een gegeven moment, puur toevallig, de borrelende en blubberende massa een toestand aanneemt die exact overeenkomt het de structuur die onze hersenen hebben in een bewustzijnsmoment.

Toegegeven, die kans is ongelofelijk klein. Maar niet nul!

Op dat moment zal dan ook die massa een bewustzijnsmoment moeten ervaren! Kompleet met verleden en actuele omstandigheden. Die massa zal denken dat het leeft in “onze” wereld. Met geschiedenis etc etc. Natuurlijk een moment later is daar helemaal niets meer van over, de massa borrelt immers vrolijk verder… en het bewustzijnsmoment is weg.

Dat is natuurlijk wel heel ver gezocht, dat gaat nooit ge … beu … ren … toch?…

Wel… misschien wil je nu liever niet doorlezen …

OK, de kosmologie verteld ons dat het universum waarschijnlijk zal eindigen in een borrelende en kolkende massa van deeltjes. Maar dan wel borrelen en kolken bij een zeer lage temperatuur. (Niet nul)

Daarbij, die eindsituatie zal oneindig lang duren. En enorm groot zijn. Oneindig lang vermenigvuldigd met zeer groot, vermenigvuldigd met de kans dat zo’n bewustzijnsmoment spontaan optreed geeft als uitkomst… oneindig. Er zullen oneindig veel van dat soort bewustzijnsmomenten zijn.

Zelfs als we aannemen dat een bewustzijnsmoment ooit eens “echt” is opgetreden, dan nog is het aantal identieke bewustzijnsmomenten in de uiteindelijke soep oneindig veel groter.

Met andere woorden de kans dat dit bewustzijnsmoment een toevallig moment in de soep is is veel groter dan de kans dat dit bewustzijnsmoment het “echte” bewustzijnsmoment is!

Oei!… tenzij deze theorie onjuist is natuurlijk…

Maakt het wat uit? heeft het gevolgen?… nee. Voor mij niet. Leuke hersenspinsels, maar verder onbelangrijk. Het maakt alleen wat uit wat ik voel, op dit moment. En dat houdt ook in wat ik wens, wil en ga doen in en voor de toekomst. Daar kan geen bewustzijnsmoment wat aan veranderen.