We kunnen weer in het nieuws lezen hoe Trump geen strategie heeft (voor Syrië in dit geval).

Maar afgezien van het feit dat we dit niet kunnen weten zit er aan “strategie” een kant die kennelijk niet veel mensen zich realiseren. Strategie is namelijk voor (toekomstige) verliezers.

Er zijn talloze mensen (adviesbureau’s, reclame bureau’s etc) die geld verdienen met het ontwikkelen van strategieën, dus hoe kan ik dan zeggen dat een strategie voor losers is?

De sleutel daarvoor zit in het Engelse spreekwoord “Great minds think alike” (knappe koppen denken eender).

De eerste keer dat ik over dit vraagstuk las was in een boek van de Engelse schrijver John Windham. Het boek “Chocky”. Daarin neemt een buitenaards wezen telepatisch kontakt op met een jongen van de aarde. In een van de uitwisselingen tussen deze beide komt de vraag op “wat is intelligentie?” Ik geloof dat het het buitenaards wezen is dat aan de jongen vraagt of een Koe intelligent is, en deze antwoord “maar een heel klein beetje”. De kern van de vraag is deze: Wanneer iemand over een kleine hoeveelheid intelligentie beschikt, dan zou hij eigenlijk tot dezelfde kennis (of antwoord) moeten komen als iemand die heel intelligent is. Hij zou er alleen langer over doen.

Wanneer wij in staat zijn tot logisch denken, dan moeten wij eigenlijk allen tot hetzelfde besluit/antwoord komen. Ongeacht onze intelligentie. Dit is natuurlijk niet juist. En dat heeft deels te doen met hetgeen er drie posts geleden al ter sprake kwam: het mensbeeld.

Intelligentie is duidelijk een maatstaf voor hoe snel iemand een logische conclusie kan bereiken. Maar er is ook een heel duidelijke komponent die voor de lagere intelligenties antwoorden/oplossingen blokkeert. Hoe dit precies werkt, weet ik niet. Maar dit ondersteunt wel het idee dat we enkel dat wat uit het onderbewuste komt kunnen “bedenken” waarbij dat wat we als “denken” beschouwen een rationalisering achteraf is.

Terug naar ‘strategie’

Iemand die niet zo erg slim is, heeft een strategie nodig om een probleem aan te gaan. Wat, waar wanneer hoe etc.

Iemand die enorm slim is, heeft geen strategie nodig. Hem blijft in elke situatie namelijk maar 1 keuze (de beste) over. Hij heeft geen strategie nodig omdat er altijd maar 1 keuze gemaakt kan worden. Zijn vrije wil lijkt sterk gereduceerd wat betreft de keuze van handelen. Enkel de keuze van het doel blijft over. Is het doel eenmaal bekent, dan volgen er alleen dwangmatige handelingen tot dit doel bereikt is.

Iemand die een strategie volgt moet deze voortdurend aanpassen. En hij kan daarbij fouten maken. Vanwege deze voortdurende aanpassingen is de kans dat hij ergens een onherstelbare fout maakt groot. Vandaar dat wanneer een strategie nodig is, de slag in feite al is verloren.

Zoals de grote generaals al zeiden: geen enkele strategie overleeft het eerste contact met de vijand. Oorlog -zoals ook het leven- bestaat uit improviseren. Strategieën zijn voor verliezers.