Wat is de dynamiek van ideologie?

Om het begrip ideologie beter te begrijpen zijn de relaties met wetenschap en religie van belang.

Wetenschap is het process waarmee we de werkelijkheid proberen te beschrijven. De wetenschap stelt hypotheses op, en test de voorspellingen van de hypotheses. Klopt de hypothese, dan wordt deze voorlopig als beschrijving van de realiteit aangenomen. Voorlopig, want de wetenschap staat en valt met eliminatie. Elke nog niet gefalsificeerde hypothese blijft een hypothese, wachtend op falsificatie. Op deze manier tracht de wetenschap steeds dichter bij de realiteit te komen.

Religie ontstaat door het zoeken naar de oorzaak of verklaring voor waargenomen fenomenen en de poging om hieruit een wereldbeeld (model) te creëren. In tegenstelling tot de wetenschap blijft religie op het vlak van fenomenen. Wetenschap probeert fenomenen te ontleden in bestanddelen, religie blijft holistisch in aanpak. Maar zowel religie als wetenschap zijn gebaseerd op de realiteit. Religie past zich daarbij ook aan aan de werkelijkheid, al is dit process vele malen langzamer dan de wetenschap en worden conflicten in het model (de religie) vaak niet nader onderzocht zolang deze geen relevantie voor het dagelijks leven hebben.

Een ideologie heeft overeenkomsten met religie, maar waar religie een zekere objectiviteit bezit is een ideologie volledig subjectief. Waar religie en wetenschap proberen om de realiteit te begrijpen probeert een ideologie de realiteit te conformeren aan een subjectief wereldbeeld. Een ideologie heeft dan ook geen corrigerende mechanismen. Wanneer de werkelijkheid en een ideologie in conflict zijn en dit conflict groot genoeg is zal de ideologie altijd het onderspit delven.

In discussies kunnen we soms het argument horen dat de realiteit niet vaststelbaar is en dat dus alles een ideologie is. Maar deze claim gaat aan de corrigerende mechanismes van wetenschap en religie voorbij. En wanneer een ideologie ook corrigerende mechanismes aanbrengt, dan is het niet langer een ideologie.

Omdat een ideologie niet overeenkomt met de werkelijkheid, en de ideologie per definitie star is zitten er kosten aan een ideologie. Deze kosten komen tot stand omdat de werkelijkheid een realiteit oplevert die niet in overeenstemming met de ideologie is en er daarom extra werk moet worden uitgevoerd om de gewenste uitkomst te laten ontstaan.

[1] Een ideologie veroorzaakt extra kosten voor de samenleving.

Deze kosten verschillen per ideologie. Naarmate de ideologie verder van de realiteit af staat worden de kosten groter.

[2] Een ideologie houdt op te bestaan wanneer de kosten niet langer opgebracht kunnen worden.

Dit kan vrijwillig, of door het uitsterven van de mensen die de ideologie aanhangen of tolereren. In het ergste geval door het uitsterven van de samenleving of cultuur die de ideologie aanhangt.

Uit [1]: deze kosten maken een samenleving minder competitief. Het is mogelijk voor een ideologie om uit te sterven door concurrentie met andere samenlevingen die efficiënter zijn.

Uit [2]: Een samenleving met hoge productiviteit kan extreem ideologisch worden. Wel zal dan een groot deel van de overtollige productiviteit worden gebruikt voor het instandhouden van die ideologie.

Een ideologie kan zichzelf instandhouden door een ogenschijnlijke bevestiging van deze ideologie. I.e. door ideologisch gedrag te belonen wordt de ideologie bevestigd en versterkt. Dit creëert een zichzelf instandhoudende cyclus. Het is dan ook bijna onmogelijk een ideologie die eenmaal in de cyclische fase zit te stoppen. In de meeste gevallen zal deze tegen harde grenzen moeten oplopen die door de realiteit gegeven worden.

De verschuiving

Socialisten zijn zonder uitzondering ideologisch in aanleg. De natuur is darwinistisch en principieel meritocratisch.

Liberalen zijn niet per se ideologisch, al zullen ze wel bereid zijn ideologische standpunten in te nemen cq ondersteunen wanneer dit ‘winst’ oplevert.

Rechts kan religieus zijn, maar is vrijwel zonder uitzondering meritocratisch.

Wanneer we de r/K theorie hierbij betrekken wordt duidelijk hoe de verschuiving van rechts naar links kan verlopen naarmate een welvaartssituatie langer aanhoudt.

De doodsspiraal

Wanneer de productie capaciteit toeneemt (welvaart) ontstaat er meer ruimte om de kosten van een ideologie op te vangen. Hierdoor neemt het ideologisch gehalte in de samenleving toe. De politiek verschuift naar links. Dit creëert de omstandigheden waar epigenetische factoren de mensen meer r-select maakt. Dit zorgt voor een verdere verschuiving naar ideologische waardes. Meer r-selectie, meer ideologie etc, de vicieuze cirkel is rond.

Dit gaat zolang door tot de kosten voor verdere ideologische verschuiving niet langer gedragen kunnen worden. De levensstandaard stagneert of neemt af, maar de wens naar nog meer ideologie is sterker dan ooit tevoren. Dit levert spanningen op die zich vroeg of laat zullen ontladen langs de breuklijnen in de samenleving. Breuklijnen die door de ideologische kosten verdekt zijn gebleven.

De grote vraag is: Kan een samenleving zich terugvinden naar een minder ideologische vorm zonder dat het tot een ontlading van de spanningen voert?

Ik ben niet erg positief over de kansen daarop. Bedenk dat de samenleving nu sterk r-georiënteerd is en r-strategen zullen hun voortplantingsstrategie niet willen opgeven ten behoeve van K-strategen. Men is daartoe biologisch niet in staat. Om de r-strategen om te vormen naar K-strategen (voor zover dit al mogelijk is) is een stress rijke omgeving nodig. Met name de amygdala moet sterk onder druk staan. Dit soort situaties treedt eigenlijk alleen op gedurende revoluties of regelrechte hongersnoden.

Er zijn op dit moment echter ook hoopgevende factoren: het internet maakt een hoop dingen mogelijk die vroeger onmogelijk zouden zijn geweest. Dus wellicht dat het toch lukt?

Toevoeging: Deel 2 (link wordt actief op 20 sept)